Home
News
Artists
Music
Shop
Links
Contact

 

Release

The official release date of the Dutch Exotica cd is 1st of June 2009.

The releaseparty is on Sunday June 14th 15.00-19.00 at Tiki's - Hartmanstraat 16a - 3012 VA Rotterdam. It's the best possible place in Holland with lots of bamboo, tiki-stuff and exotic cocktails!!!
Black Market Audio will play an earopening and danceable Exotica dj-set. They will also play some exotica-classics in a special release-arrangement (Funmachine Space Organ & Electric Sitar). Let's make jungle-calls!!
Machgiel Bakker (Fonos - Beeld en Geluid) will host a special "Exotica-Doordraai"

"Shouting Boots" Radio 6
Saturday June 13th 14.00-16.00
Arjo and Bert (Black Market Audio) will be guests in "Shouting Boots" Radio 6 (Dutch radio), talk about Dutch Exotica , listen to songs of the compilation-album and play some exotica-classics.

"Nacht van het Goede Leven" Radio 1
Sunday June 28th 01.00-02.00 (monday morning)
Arjo and Bert (Black Market Audio) will be guests in "Nacht van het Goede Leven" Radio 1 (Dutch radio) with Adeline van Lier, talk about Dutch Exotica and play some exotica-classics.

"Nacht van de Geschiedenis"
Two times a DJ-set on Saturday October 24th 2009 in Grand Hotel Krasnapolsky


Reviews

Revu #21 (20-27 mei 2009)
"Exotische muziek op klompen", one page article/interview by Guuz Hoogaerts.

Read PDF (in Dutch)

Eindhovens Dagblad zaterdag 30 mei 2009
"De archieven van de Nederlandse populaire muziek staan wijd open. De reeks is uitgebreid met 'Dutch exotica', 26 tropische liedjes uit de periode 1937-1977. De muziek voert de luisteraar mee naar onder meer Hawaii, Afrika, Cuba en Bali. Sommige keuzes zijn ronduit melig (zoals 'Pineapple princess' van Jamaica Johnny of 'Paramaribo mambo' van de Zapakara's). Maar tracks als 'Whistling guitar' (Rudi Wairata & The Kilima Hawaiians) en het superswingende 'Candid Cuban' van organist Stef Meeder zouden niet misstaan op een hip dansfeest. 'Dutch exotica' is een bizarre, grappige en vooral verrassende zomerplaat." (FvdM)

Platomania 257
"Wie dacht dat Exoticamuziek enkel een uitlaatklep was voor de avontuurlijk ingestelde Amerikaanse orkestjes van Les Baxter en Martin Denny, heeft het mis. Ook in de Hollandse polder bevonden zich muzikale escapisten met een voorkeur voor het oriëntale en de de zonnige klanken van het Caribisch gebied. Natuurlijk was er de invloed van de koloniale gebieden en werden er gamelans uit Indonesië en steeldrums uit Suriname geïmporteerd, maar hoe verklaar je nu dat ene Willy Langestraat van swing en jazz ineens overging op exotische muziek. Zijn plaat Utopia is éen van de meest curieuze Nederlandse langspeelplaten ooit. Maar er is meer moois te vinden, zo blijkt uit deze verzamelcd het duo Black Market Audio. Lamento Del Desierto bijvoorbeeld van Maria Zamora, de fantastische sound van Tango Des Roses van George De Freitas of bijvoorbeeld The Bali Bali Boogie van The Amboina Serenaders. De legendarische Max Woiski is te horen, alsmede Rudi Wairata en zijn beroemde Kilima Hawaiians, Wout Steenhuis, kunstfluiter Jan Tromp en zelfs accordeonist Johnny Meijer met zijn versie van El Cumban Chero. Een muzikale fruitmand die zijn weerga niet kent en een must voor iedere verzamelaar van buitengewoon rare muziekjes."
(Ruud Verkerk 28-05-2009 waardering : 8.0)

OOR #06 (JULI2009)
PLAY special, two page article/interview by Jacob Haagsma.

Read PDF page1 (in Dutch)
Read PDF page2 (in Dutch)

Review www.muziekweb.nl
‘Exotica’ is een term die in de muziekwereld wordt gebruikt om vroege westerse interpretaties van exotische muziek te definiëren. Bigbandorkesten speelden mambo, calypso, surf, Hawaïaanse en Arabische muziek. De teksten riepen exotische beelden op die tegenwoordig soms wat knullig en gedateerd aandoen. De trend sloeg eerst aan in Amerika waar artiesten als Harry Belafonte goede sier maakten met hun exotische komaf. Ook Nederlandse orkesten lieten zich niet onbetuigd. Tot groot plezier van de twee heren van Black Market Audio. Want als ze zelf geen muziek maken, dan verzamelen ze oude lp’s met exotica. Dit door hun samengestelde verzamelalbum bestrijkt alle hoeken en gaten van de exotica. Van de tranentrekker Droomland tot de peperhete salsafunk van Rinus van Galen en zijn combo. Onvermoed swingende poldergeschiedenis dus, die je doet afvragen wat voor dansje je (groot)ouders hier ooit op hebben gewaagd. (PdK)

PAROOL 30 juni 2009
article/interview by Peter van Brummelen.

Read PDF (in Dutch)

Review www.fileunder.nl
In de jaren vijftig en begin jaren zestig was er niet zoveel ruimte voor frivoliteiten. Het decennium na de Tweede Wereldoorlog stond in het teken van wederopbouw, de Koude Oorlog en de daarmee gepaard gaande wapenwedloop. Om toch een beetje te kunnen ontsnappen aan de waan van alledag, bood muziek uitkomst. Of, om preciezer te zijn: bood exotica-muziek verstrooiing. Miljoenen luisteraars gingen vanuit hun luie stoel op reis naar verre oorden en hagelwitte stranden, wegzwijmelend bij de exotische klanken van bijvoorbeeld Les Baxter, Yma Sumac, Martin Denny en Esquivel. Ook in Nederland werd exotica gemaakt. Logisch, gezien het koloniale verleden van ons land. Wie in Nederlands-Indië of Suriname was geweest, bracht niet alleen de nodige spannende verhalen mee naar huis, maar zorgde er tevens voor dat er allerlei exotische muziekgenres in ons koude kikkerlandje werden gedntroduceerd. De nuchtere Nederlander viel als een blok voor het melancholische geluid van de steelgitaar, de steeldrum of de gamelan en liedjes over heupwiegende, donkerharige schoonheden en verloren liefdes. Bert Taken en Arjo van Loo (oftewel het Utrechtse duo Black Market Audio) hebben wekenlang in stoffige archieven doorgebracht, om uiteindelijk boven water te komen met een juweel van een verzamelaar: Dutch Exotica. Deze ruim 72 minuten durende, onlangs verschenen verzamelaar met lang vergeten exotica-tracks is een enigmatische muzikale fruitmand, waarbij je van de ene in de andere verrassing valt. Wat te denken van orkestleider Willy Langestraat (misschien beter bekend als Laguestra and his Cha Cha Cha's), die in de jaren vijftig verslingerd raakte aan Arabische muziek en een handvol lp's uitbracht, gevuld met een unieke potpourri van Oosterse en Indiase muziek? Of de Surinaamse (maar in Den Helder opgegroeide) Milly Scott, het Nederlandse equivalent van Yma Sumac? Pareltjes van Stef Meeder? De Kilima Hawaiians? Mallando met de Marinieskapel? Kunstfluiter Jan Tromp en accordeonist Johnny Meijer met zijn versie van ''El Cumban Chero''? Prachtig, prachtig en nog eens prachtig! Het cd-boekje is wat karig, maar daar staat tegenover dat je op de Dutch Exotica-site uitgebreide achtergrondinformatie over alle artiesten vindt, het speciaal voor deze verzamelaar geschreven artikel door exotica-kenner Francesco Adinolfi en bovendien fragmenten van alle nummers kunt beluisteren. Prachtig! Of had ik dat al gezegd?

Review Jazzmagazine
"Eindelijk! Een exoticacompilatie met nummers van eigen bodem. Hoe knullig of onbenullig het ook mag klinken, dit deel van de Nederlandse muziekgeschiedenis is een stuk opwindender dan de huidige palingpop. Dit huzarenstukje werd met de nodige liefde en vakmanschap samengesteld door Bert Taken en Arjo van Loo (Black Market Audio/Dutch Rare Groove), met achter de schermen hulp van mensen als Eddy De Clerq en Oscar Smit (Fonos). In de voetsporen van grootmeesters als Les Baxter en Martin Denny, is er in het naoorlogse Nederland een heuse beweging geweest van wuivende Hawaiiaanse ukeleles en kokosnootshakers. Het toenmalige wereldbeeld werd ingevuld met kleurrijk 3D-plaatjes uit de ViewMaster en smeuïg breed uitgesmeerd en bezongen in sensuele exotica. De calypso en mambo waren in de jaren 50 en 60 sterk aanwezig in het Amsterdamse nachtleven (met name in de Tropicana club) en brachten er de dansvloer op temperatuur met de nodige uitheemse instrumenten. Het is dus heerlijk wegdromen op de bongobeat van Africa (Milly Scott), zweven op de bezwerende duizend-en-één-nacht klanken van Lamento Del Dieserto (Mario Zamora) of verliefd worden tijdens de Tango Des Roses (George De Fretes). De bongo?s, sambaballen, Hammonds en sitars vliegen je om de oren. De gein en de verbeelding zijn nooit ver weg, je valt op Dutch Exotica van de ene verbazing in de andere. Orkestleider Willy Langstraat werd onder de naam Laguestra zelfs even wereldberoemd met zijn Oriental Cha Cha Cha, dankzij de aandacht van de Amerikaanse tv-producer Vance Graham. Ook de gebruikelijke tragedie gaat schuil achter de ribfluwelen gordijnen van de exotica. Zo mocht de fabrieksarbeider Jan Tromp, na het scoren van zijn (fluit)hit Beautiful Isle Of Somewhere, niet meer fluiten van zijn vrouw! Dit alles en nog veel meer spektakel (in totaal 26 nummers) zit gevat in deze heerlijke Technicolorcompilatie vol exotisch avontuur en muzikale fantasieën. Aloha!"
Monte La Rue ****

Review Araglin.nl
"In de jaren vijftig en begin jaren zestig was er niet zoveel ruimte voor frivoliteiten. Het decennium na de Tweede Wereldoorlog stond in het teken van wederopbouw, de Koude Oorlog en de daarmee gepaard gaande wapenwedloop. Om toch een beetje te kunnen ontsnappen aan de waan van alledag, bood muziek uitkomst. Of, om preciezer te zijn: bood exotica-muziek verstrooiing. Miljoenen luisteraars gingen vanuit hun luie stoel op reis naar verre oorden en hagelwitte stranden, wegzwijmelend bij de exotische klanken van bijvoorbeeld Les Baxter, Yma Sumac, Martin Denny en Esquivel. Ook in Nederland werd exotica gemaakt. Logisch, gezien het koloniale verleden van ons land. Wie in Nederlands-Indië of Suriname was geweest, bracht niet alleen de nodige spannende verhalen mee naar huis, maar zorgde er tevens voor dat er allerlei exotische muziekgenres in ons koude kikkerlandje werden geïntroduceerd. De nuchtere Nederlander viel als een blok voor het melancholische geluid van de steelgitaar, de steeldrum of de gamelan en liedjes over heupwiegende, donkerharige schoonheden en verloren liefdes. Bert Taken en Arjo van Loo (oftewel het Utrechtse duo Black Market Audio) hebben wekenlang in stoffige archieven doorgebracht, om uiteindelijk boven water te komen met een juweel van een verzamelaar: 'Dutch Exotica'. Deze ruim 72 minuten durende, onlangs verschenen verzamelaar met lang vergeten exotica-tracks is een enigmatische muzikale fruitmand, waarbij je van de ene in de andere verrassing valt. Wat te denken van orkestleider Willy Langestraat (misschien beter bekend als Laguestra and his Cha Cha Cha's), die in de jaren vijftig verslingerd raakte aan Arabische muziek en een handvol lp's uitbracht, gevuld met een unieke potpourri van Oosterse en Indiase muziek? Of de Surinaamse (maar in Den Helder opgegroeide) Milly Scott, het Nederlandse equivalent van Yma Sumac? Pareltjes van Stef Meeder? De Kilima Hawaiians? Mallando met de Marinieskapel? Kunstfluiter Jan Tromp of accordeonist Johnny Meijer met zijn versie van 'El Cumban Chero'? Prachtig, prachtig en nog eens prachtig! Het cd-boekje is wat karig, maar daar staat tegenover dat je op de Dutch Exotica-site uitgebreide achtergrondinformatie over alle artiesten vindt, het speciaal voor deze verzamelaar geschreven artikel door exotica-kenner Francesco Adinolfi en bovendien fragmenten van alle nummers kunt beluisteren. Prachtig! Of had ik dat al gezegd?"

Review www.mega-media.nl
"Exotica, de vrolijke en fantastierijke muzikale rage uit het Amerika van de jaren ’50, is een blijvende bron van inspiratie voor alle generaties muziekliefhebbers. Bert Taken en Arjo van Loo gingen op zoek naar de Nederlandse volgelingen en werden verrast door muzikale reislust van de Nederlanders.
Exotica stelde miljoenen luisteraars in staat vanuit de leunstoel weg te dromen naar verre fantastische oorden. Les Baxter, Martin Denny, Yma Sumac zijn namen verbonden met muzikale Technicolor-ansichtkaarten uit de jungles van Africa, vanaf Balinese stranden, of vanuit trekkende karavanen door de Sahara.
En Nederland? Ook vanuit het natte, vlakke land werden muzikale reizen ondernomen. Hawaii was als bestemming populair gemaakt door de Kilima Hawaiians die de traditionele muziek uit de Pacific met Nederlandse teksten hadden aangepast aan de Nederlandse smaak. Muzikanten uit Indonesië en Suriname namen hun Nederlandse landgenoten mee naar hun land van herkomst.
Orkestleider Willy Langestraat zag in het exotica-genre zijn kans om onder de naam Laguestra het muzikale experiment aan te gaan en evenaarde daarin zijn grote Amerikaanse voorgangers. De Amerikaanse TV-producer Vance Graham ontmoette Laguestra toevallig en was onder de indruk van zijn muziek: “Here is a Dutch musician playing with Arabian musical instruments, a Cha cha cha from Cuba, played for an American tourist. He calls it Oriental Cha cha cha”.
Laguestra vormt daarmee één van de hoogtepunten van deze unieke en eigenwijze dwarsdoorsnede van de Nederlandse muziek. Bert Taken en Arjo van Loo (Black Market Audio) wisten deze muzikale parels op te duiken uit hun eigen collecties, uit de archieven van bevriende verzamelaars en Fonos. Zij beschouwen zichzelf als muzikale exoten die zich graag laten inspireren door alles wat niet in een hokje te plaatsen is, wat te horen is op hun album “Shake!”. Bert en Arjo waren eveneens de initiatiefnemers en mede-samenstellers van Dutch Rare Groove."

Review www.weirdomusic.com
"This is a record played on Arabian instruments, a cha-cha-cha from Cuba played by a Dutch musician for an American tourist." So says the voice of a square sounding radio announcer, while introducing Languestra and his Orchestra's 'Jamila (Cha-Cha-Cha Oriental). This cultural gumbo describes this collection of Dutch exotica from 1937 - 1977 to a tee.
Exotica icon Martin Denny said this: "My music has always been fiction, jut like a book. Everything comes from my imagination, a mix of my ideas and those of the musicians who worked with me. It wasn't about authenticity, but illusion." Exotica came to prominence on American hi-fis and easy-chairs as a respite from Cold War tension, as a result of an increase in disposable income and leisure time and the rise of the social class known as the Swinging Bachelors. It was a welcome respite to the pervasive shadow of invisible enemies and paranoia, and the looming prospect of imminent nuclear annihilation. It allowed the listen to be swept away to sunny isles with swaying palm fronds and swinging hammocks, frosty tropical drinks adorned with gay colored umbrellas.
This compilation is a fine collection of the usual Exotica cliches: hawaiian guitars, bird sounds, swing music, and latin percussion. Intended as a light-hearted soundtrack to cocktail parties and seductions, to ease the stress of a day at the office, to take off the tie and replace it with a Hawaiian lei. As such, it is an inherently easy-listening, feel good kind of music. You will not find complicated chord changes or dissonances here, nor any emotional extremes for the matter. Rather, it is a middle-of-the-road style that is intended to offend no one, to soothe rather than disturb or provoke. At best, you may find rather accomplished musicians working in established forms, and the flights of fancy and imagination used to evoke far-off places, such as the fiery piano of 'Jungle Fantasy' by Combo Rinus van Gisen or the impressive whistling used to simulate bird sounds on 'Beautiful Isle of Somewhere' by Jan Tromp.
"Dutch Exotica" is a good introduction to a style that has been shuffled off to the bargain bins of history, as it captures many of the hallmarks of the Exotica genre. Of particular interest are the Hawaiian sounding tracks, as American music was in vogue in Holland, but jazz music was violently suppressed by the Nazis during their occupation of Europe, and the tropical sounds were deemed less offensive by the censors. The musicians sometimes supplied Dutch vocals as well, to give it more of a national flavor. The horns imitating jungle noises on 'Tabu' by Thom Kelling y su Conjunto are interesting; they wouldn't sound out of place on an Albert Ayler record. The surf and slide guitar of 'South Sea Breeze' by The Mena Moeria Minstrels is pretty sweet. 'Midnight in Malaya' by Boy and his Rollin' Kids sounds like 'The Rivers of Babylon' by The Abyssinians, as viewed from the bottom of the oceans. Some of the older, Big Band styled sounds are noteworthy as well, particularly the staple 'The Sheik of Araby' by Secco's Gitanos, with its oriental, klezmer sounds, that are reminiscent of the Gypsy Swing of Django Reinhardt and Stephan Grappelli.
Overall, this is an intresting time-capsule of an interesting couple of decades in the world. In today's stressful times, as economic insecurity and political turmoil rock the world, perhaps it is time to resurrect the lounges and cocktail hours. Relax, and take it easy, let yourself be swept away on a tropical breeze!

J. Simpson

Review www.ultraswank.net
Exotica music was made popular in the early 1950s and took its name from the Martin Denny album with the same title. The inspiration for the genre came from exotic locations and instruments from places such as Polynesia, Melanesia, Micronesia, Southeast Asia, and Hawaii. The genre was mostly popular in suburban USA with legends such as Les Baxter, Artur Lyman and Martin Denny leading the scene. But apparently, not all Exotica music was American. Exotica fans Bert and Arjo from Holland have put together a brand new compilation of their favorite Dutch Exotica songs that not only showcases musical history but also the birth of lounge music. Head over to their website for track previews and information how you can obtain this gem.
Cocktail Lounge By Chris on August 12th, 2009

Review www.musicmeter.nl
Tsja wat hebben we hier nu eigenlijk.....????? Lastig te definieëeren zal ik maar zeggen, wat de muziek op deze verzamelaar het beste omschrijft is Rare Grooves uit de jaren 50 en 60 met een exotische inslag denk hierbij aan samba-ballen, kokosnoot-shakers, hawaiiaanse ukeleles, steelpannen, bongo's, sitars en wat al niet meer aan exotische instumenten voorbij komt. In zo goed als elk nummer zit wel een vleugje samba, salsa, caypso, rumba, mambo of afrikaanse ritmes. Je waant je terug in de tijd, naar het latijns America van de jaren 50,maar alles wat er op deze verzamelaar staat komt gewoon van eigenboden. De samenstellers ((Bert Taken & Arjo van Loo) ook bekend van de Dutch Rare Groove serie) hebben de archieven van Fono's grondig uitgespit en 26 heerlijke dansbare, funky, jazzy, groovy nummers op deze heel erg lekkere verzamelaar gezet....... Dit geeft een redelijk beeld van wat er in Nederland nog meer naast de bekende Jazz werd gemaakt. Dit is eigelijk gewoon een must have voor iedereen die Rare Grooves en warm hart toe draagt........ Dit is de basis van de Rare Groove in Nederland. 4* en hopelijk komen er nog meer van dit soort releases.

Review - Lost and found in translation © Kevin Whitehead
Exotica: The word itself is contaminated. In the US, to invoke it without air quotes in any serious cultural discussion is a major gaffe. It reveals lingering colonial-era thinking: us versus them. The musical version that blossomed like a plastic orchid in the 1950s smacks of the same high-handedness. It’s a movement largely born of Hollywood composers’ habit of serving up the vaguest, laziest signifiers of some other culture’s music, with a blithe disregard for its particulars. (Think Tarzan movies. Or anything set in Asia. It’s no accident Les Baxter scored movies: Daughter of the Sun God, Operation Bikini, Tonga Tika.) With musical exotica, the question’s not, are we even allowed to listen to it anymore? It’s, do you even want to?
Silly question: nobody loves a fad more than the Dutch. But didn’t bachelor pad music roll through years ago, sometime between Raymond Scott and the Comedian Harmonists? Surely de Volkskrant’s morgue brims with think-pieces on Arthur Lyman and Martin Denny, who did for Hawaiian music what Tarzan soundtracks did for talking drums.
Black Market Audio’s Dutch Exotica compilation is so far behind the curve, one fears it’s trying to bring the fad back. The CD’s mostly okay, actually, because it doubles down on lost-in-translation absurdities: Dutch takes on Hollywood versions of Polynesian music. Or worse. Consider Jamaica Johnny’s “Pineapple Princess”—Johnny being Nelis Liefeld from Surinam, whose ode to a Hawaiian beauty sounds oddly like the chipper calypsos that passed for source music in old Saint and Danger Man episodes set on the island of Bamaica or Jarbados and shot on a Borehamwood soundstage. The lyricists’ local-color research seems to have been limited to travel brochures: there’s talk of a ukulele (extolled but unheard), water skis and skin diving. Unaccountably, our heroine lacks a surfboard, preferring to cruise on a crocodile. Never mind the only place you’ll see a croc on the islands is the Honolulu zoo.
Or take Den Helder-born Milly Scott’s ode to where she longs to be, “Africa.” As a salute to the mother continent, Milly sings and scats most of it in Louis Armstrong’s gravel growl. (Didn’t Hollywood once put him in leopard skins?)
The CD notes are scanty, but the on-line annotation is much better (while it lasts: http://dutchexotica.nl/artists.htm#02). And from looking at the artists’ biographical sketches, you can see many of the artists fall into two general categories, with a little overlap between.
The first and larger (and far more interesting) group is drawn from outposts of Holland’s empire. That figures: Surinam’s music, with its mix of South Asian, South American, Caribbean and European influences, is almost readymade exotica. So we get Max Woiski, Sr. (“Bron Bron Calypso,” a movie song), Lex Vervuurt (“Paramaribo Mambo”), and Max Jr. picking guitar.
Two guitarists hail from Bundung, Jakarta. For “Midnight in Malaya,” Boy Jansen twangs like Dick Dale, on a Singapore scale (now who’s being vague?), over a modified habañera beat. On “Tango des Roses” lap steel wiz George de Fretes hits zingy glissandi and portamenti drenched with echo, à la Santo and Johnny. (Have they had their 15 minutes in Holland yet?) For a second it actually turns into a tango.
De Fretes student Rudi Wairata, from Malaku, contributes “Whistling Guitar” which bristles with odd arranging touches—for bass clarinet, lap steel and clipped percussion over walking bass—that parallel Vic Mizzy’s madcap music for the ’60s sitcom The Addams Family. (This is all fad-worthy, folks). His “Bali Bali Boogie” features boogieing so anemic and vocal harmonies so tepid it makes the Andrews Sisters sound like James Brown. But a water-toned vibist’s deceptive intro is pure gamelan music, witty misdirection.
Some of the loopiest music here is untethered to obvious ethnic markers; the Sun Ra/bachelor pad connection comes across in Thom Kelling’s “Tabu,” where squeaky free-jazz saxes (Piet Noordijk! Who knew?), mixed way back, provide jungle sound effects. Dick Willebrandts’ “Zambesi” clearly aspires to be a Raymond Scott chart. “El Cumbanchero” showcases Johnny Meijer’s serious accordion chops.
A second, smaller group of artists included here walked a fine ethical line during the War: the Ramblers, Willebrandts, Guus Jansen, and a Surinam transplant or two who, wink wink, got classified as Aryans. We could probably draw some deep conclusions about that—but it’s probably just a sign of the terrible dilemmas the generations(s) of musicians who produced exotica had to face.
But then there’s Wout Steenhuis, whose “Bali Ha’i” is one of several examples of boilerplate exotica here. But give it up to a musician who fought in the Resistance, got captured by the Nazis and escaped, went back into action and got wounded the day before Liberation. A cynic might call Steenhuis the rarest of exotic species here: Dutch war hero. Snap!

Kevin Whitehead is the writer of New Dutch Swing (Billboard Books, 1998) and teaches jazzhistory at the University of Kansas

 

Home | News | Artists | Music | Shop | Links | Contact